Klik hier voor het overzicht van alle blogs
2013: het jaar dat de zorg de deur uit gaat (1)
Geplaatst op
Het nieuwe jaar is nog maar net begonnen, maar het belooft nu al een spannend jaar te worden voor de verpleeg-, maar vooral de verzorgingshuizen. Dat heeft alles te maken met het beleid van het nieuwe kabinet. In de zorgparagraaf van het regeerakkoord kondigden PvdA en VVD al aan in de langdurige zorg een omslag te willen malen naar “meer zorg in de buurt” en “houdbaar gefinancierde voorzieningen”. Ook wordt er gesproken over “overbehandeling ontmoedigen”. Per 1 januari gaan de eerste contouren daarvan zichtbaar worden.
In haar brief van 28 september 2012 kondigde de staatssecretaris van VWS aan dat per 1 januari 2013 voortaan de zorg voor mensen met een ZZP (Zorg Zwaarte Pakket) 1 of ZZP 2 “geëxtramuraliseerd” wordt. Met andere woorden, alle mensen die slechts lichte tot matige hulp nodig hebben op het gebied van mobiliteit of persoonlijke verzorging en motorisch functioneren, kunnen voortaan niet meer in een verzorgings- of verpleeghuis terecht. Zij zullen extra hulp krijgen om thuis te kunnen blijven wonen.
Dat betekent op allerlei vlakken nogal wat voor de zorginstellingen in ons land. Momenteel wonen er zo’n 28.000 mensen met een ZZP 1 of 2 in een verzorgings- of verpleeghuis. Die mensen mogen daar blijven wonen, maar nieuwe instroom van mensen met soortgelijke klachten droogt vanaf het begin van dit jaar op. En omdat de gemiddelde verblijfsduur in een verzorgingshuis maar een paar jaar is, betekent dat dat er binnen zo’n 2 tot 3 jaar bijna 30.000 woonruimtes in verzorgingshuizen leeg komen te staan. Tegelijkertijd moeten de zorginstellingen de klanten die vroeger in deze woonruimtes kwamen te wonen, thuis alsnog van de benodigde zorg voorzien.
Dat stelt de instellingen voor een stevig vraagstuk. Want wat te doen met al die vrijvallende ruimte? De staatssecretaris suggereert in haar brief om capaciteit af te stoten. Dat is nu juist in deze tijd, met een groot overschot aan kantoorruimte en een vastzittende woningmarkt, een grote uitdaging.
Naar mijn mening kunnen instellingen de gevolgen van de extramuralisering alleen opvangen met een grote dosis creativiteit en lef. Nieuwe manieren bedenken waarop hun kamers en appartementen aantrekkelijk worden voor andere bewoners dan mensen met een ZZP 1 of 2. Daarbij valt te denken aan revaliderende patiënten, maar ook studenten, familieleden van cliënten die graag dicht bij hun dierbare willen wonen maar toch zelfstandig, enzovoort. Of de ruimte inzetten voor heel andere doeleinden als verbouwen mogelijk is, zoals bijvoorbeeld een kinderdagverblijf, een fysiotherapiepraktijk, of flexibele werkruimten voor zelfstandigen. Dat zou een mooie mix van oud en jong en daarmee extra levendigheid in de instelling brengen.
Welke oplossing een instelling ook kiest, goede communicatie blijft essentieel. Wil ze een succes maken van de nieuwe bestemming voor haar kamers, dan zal de instelling aan de omringende gemeenschap moeten laten weten en zien wat ze te bieden heeft. Nieuwe doelgroepen verleiden om over de drempel te stappen. Een commerciële benadering dus. Een hele omslag in het denken, zeker voor de instellingen die tot nog toe te maken hadden met wachtlijsten. Moeilijk, maar niet onmogelijk.
Bovenop het huisvestingsvraagstuk komt trouwens ook nog eens het vraagstuk hoe de instellingen de zorg thuis moeten organiseren voor de cliënten met ZZP 1 of 2. Ook dat brengt weer heel eigen (communicatie)problematiek met zich mee. Daarover meer in het vervolg op deze blog.
